De landschapsarchitectuur van de Haarlemmermeer is in zijn soberheid moeilijk te duiden. Landschapsarchitectonisch zijn slechts weinig middelen toegepast om het gecreëerde landschap te controleren. Dit kan mede verklaard worden door de immense schaalvergroting ten opzichte van de 17e eeuwse droogmakerijen. De aandacht ging vooral naar de technische noviteit. Civieltechnisch was het een topprestatie, cultuurtechnisch echter een ramp en vanuit het oogpunt van landinrichting ondermaats. Voor een wereldtentoonstelling wordt tegelijkertijd een versterking en verrijking van het landschap gevraagd.

In deze studie wordt onderzocht hoe, doormiddel van een route architecturale, de kwaliteiten van de de Haarlemmermeer zo aantrekkelijk mogelijk gepresenteeerd kunnen worden.
Thema
De bestaande ingrepen in de natuur door technische middelen wil ik versterken om de bezoekers zo een veel intenser gevoel te geven over de natuur en haar relatie met techniek.
Locatie
Bij mijn eerste analyse van de locatie in de Haarlemmermeer, vanaf de kaart, had ik weinig bijzonders gezien. Pas bij het bezoek van de Haarlemmermeer heb ik van de locatie een beter beeld gekregen. De rigiditeit, het abstracte. Verder kan je vanuit de locatie zien welke punten herkent worden. Op de locatie heb ik het grit van de polder er in een verschaalde versie overheen gelegd. De paviljoens komen in de kamers van het grit te staan. In het gehele gebied zijn elementen die specifiek zijn voor de Haarlemmermeer; de ringvaart, boezem, afwateringssloten, het grit, vlakte, weidsheid, geometrie, de zoom, verstedelijking, en kavels. Er ontstaat zo een schaalvervreemding die mensen dichter met de ingrepen van de mens in de natuur laat kennismaken.

Het Paviljoen
In het paviljoen moet de omgeving intens terug te voelen zijn, terwijl via de nieuwste technieken de kunsten van het Nederlandse bedrijfsleven getoond worden. Uiteindelijk wil je de gasten, veelal buitenlanders, een goede indruk geven van je land. Dit mede om de handel te bevorderen en nieuwe initiatieven te lanceren (spin-offs te hebben).
Het thema is ook natuur, dit word benadrukt door de relatie van het landschap met het gebouw, en zijn inhoud op een hedendaagse, locatiegebonden wijze te uitten. Op een “ongedwongen” wijze laat je de bezoekers zo kennis maken met het landschap. Zij moeten er uiteindelijk door geraakt worden. “natuur” in Nederland zijn eigenlijk de elementen en de restanten van onze pogingen om deze te bedwingen.

Het Nederlandse paviljoen staat in het middelpunt van de locatie. Het kan vanuit vier kanten benaderd worden en daarom zijn er op vier punten entrees. De compositie van het totale paviljoen sluit aan op de compositie van de locatie. Het bestaat uit een groot rechthoekig volume (1), 65x 50 meter en 12 meter hoog, dat op kolommen staat die 10 meter hoog zijn. Dit is het hoofdvolume waarin de tentoonstelling plaatsvindt. In dit volume zijn aan de langszijde 2 grote galerijen. Een ander groot rechthoekig volume (2), 20×20 meter is 32 meter hoog. Het herbergt kantoren, de grote zaal, de vip-ruimte, liften en de technische ruimte herbergt en steekt verticaal door volume 1 heen. Het derde volume is het restaurant met keuken die onder het grote zwevende volume ligt. Deze sluit aan op de liften.
Er zijn op elke hoek een paar grote roltrappen waarvan er 1 omhoog en 1 naar beneden gaat. Deze roltrappen gaan in 1 keer van de begane grond naar de galerij in volume 1. Hiervandaan heeft men direct uitzicht over de totale tentoonstelling. Via een trap aan het einde van de galerij kan men de tentoonstelling betreden. In het midden van het volume bevinden zich aan beide zijden de uitgaande roltrappen.
De gevel van volume 1 is opgebouwd uit een dubbele laag glas, de buitenste transparant, de binnenste heeft op verschillende optische eigenschappen en is veelal diffuus. Aan de buitenkant zullen houten horizontale zonnepanelen de directe zonlichtinval tegen houden. Alleen ter plaatse waar de lijnen van het grit van de omgeving het gebouw raken is er over de volledige hoogte een transparante strook, welke ook door de detaillering versterkt word, en de zonnepanelen zijn hier onderbroken. Door deze opbouw van de gevel dringt het directe zonlicht niet direct binnen, maar wel het indirecte licht (kleuren, schaduw, indirect zonlicht) vanuit de omgeving. Van buitenaf zijn de bewegingen van de mensen in het gebouw goed te zien. Het is als een machine.

Het 2e volume is een semi-transparant volume van met grote gaten geperforeerd staal, dat in zich de verschillende programmaonderdelen herbergt. Dit is van dichtbij waar te nemen, maar van veraf is alleen de contour van het volume overheersend, in de geometrie van het landschap. Het restaurant word een open ruimte waar mensen kunnen zitten en waarvandaan zij de stromen mensen kunnen bekijken die langs het gebouw lopen of met de roltrappen omhoog gaan.
| Opdracht | Studie A1/D11 |
| Locatie | Haarlemmermeer |
| Programma | Grote zaal, restaurant, theaterzaal, kantoren |
| Datum | 2000 |
| Status | Afgerond |
| Opgave | Nieuwbouw, demontabel |

Leave a Reply